JURIDISCH

FISCAAL

10

Ondernemingen
en formaliteiten

Ondernemingen en formaliteiten

Vraag een voorlopige aanslag inkomstenbelasting aan

In de inkomstenbelasting is 5% belastingrente verschuldigd indien de Belastingdienst na 1 juli volgend op het belastingjaar een aanslag over dat betreffende jaar oplegt met een te betalen bedrag. Wij raden u dan ook aan om uw voorlopige aanslag kritisch te beoordelen en deze indien nodig te verhogen. Indien u vóór 1 mei 2026 een verzoek om een te betalen voorlopige aanslag over 2025 indient, wordt geen belastingrente in rekening gebracht als de aanslag conform het verzoek wordt opgelegd.

Vraag een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting aan

In de vennootschapsbelasting is 7,5% belastingrente verschuldigd indien de Belastingdienst na 1 juli volgend op het belastingjaar een aanslag over dat betreffende jaar oplegt met een te betalen bedrag. Wij raden u dan ook aan om uw voorlopige aanslag kritisch te beoordelen en deze indien nodig te verhogen. Indien u vóór 1 mei 2026 een verzoek om een te betalen voorlopige aanslag over 2025 indient, wordt geen belastingrente in rekening gebracht als de aanslag conform het verzoek wordt opgelegd.

Dien een verzoek tot ambtshalve vermindering in

Denkt u dat u nog recht heeft op een vermindering van betaalde belasting over het verleden? U kunt om ambtshalve vermindering van een opgelegde aanslag verzoeken binnen 5 jaar na afloop van het belastingjaar. Zorg er wel voor dat uw verzoek voor het einde van de termijn door de Belastingdienst is ontvangen. Wilt u bijvoorbeeld de aanslag vennootschapsbelasting 2020 laten verminderen? Dan moet het verzoek uiterlijk op 31 december 2025 binnen zijn bij de Belastingdienst.

Vernietig uw oude administratie (maar niet te snel)

Ondernemers en belastingplichtigen die resultaat uit overige werkzaamheden genieten, zijn wettelijk verplicht tot het voeren en bewaren van hun administratie. De wettelijke bewaartermijn van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers bedraagt in het algemeen zeven jaar. Deze bewaarplicht geldt voor alle basisgegevens (zoals het grootboek, de facturen van debiteuren en crediteuren, de in- en verkoopadministratie, de voorraadgegevens en de loonadministratie) en de overige gegevens die van belang kunnen zijn bij een belastingcontrole. Ook de hiervoor bedoelde gegevens die elektronisch zijn opgeslagen, vallen onder de bewaarplicht.

Let wel op dat bepaalde stukken betrekking kunnen hebben op meerdere jaren. Deze kunnen pas worden vernietigd nadat ze hun actualiteitswaarde hebben verloren. Zo mag een contract dat ziet op 2016-2018 pas in 2026 worden vernietigd.

Let op! De algemene wettelijke bewaartermijn van zeven jaar is korter dan de btw-herzieningstermijn voor onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen. De (al dan niet vrijgestelde) btw-ondernemer blijft daarom verplicht om alle boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan - betreffende onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen – gedurende negen jaar volgend op het jaar waarin de btw-ondernemer het goed is gaan gebruiken te bewaren.

Leent u personeel in? Bewaar die gegevens dan langer!

Als u personeel inleent is het raadzaam om stukken die op deze inlening zien (bijvoorbeeld ID-gegevens of manurenstaten) langer dan zeven jaar te bewaren. Dit heeft te maken met een mogelijke aansprakelijkstelling die nog vele jaren na het verstrijken van de bewaartermijn kan plaatsvinden.

Let op! Als u persoonsgegevens langer wilt bewaren dan de wettelijke bewaartermijn, leg dan in uw AVG-protocol vast welke gegevens u bewaart en verwerkt en waarom.

Dien zo snel mogelijk een suppletie btw in

Zodra u weet dat u nog btw moet betalen of terugkrijgt over voorgaande tijdvakken, moet u de betreffende suppletie indienen. De suppletie moet gedaan worden voordat de belastingplichtige weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de inspecteur met de desbetreffende onjuistheid of onvolledigheid bekend is of zal worden, maar niet later dan acht weken nadat de belastingplichtige de onjuistheid of onvolledigheid heeft geconstateerd. Dit geldt zowel voor positieve (teruggaaf) als negatieve (te betalen) suppleties. Doet u dit niet, dan loopt u bij een te betalen bedrag het risico op een forse boete. Informatie uit een ingediende suppletie kan daarbij niet dienen als bewijs voor het opleggen van een boete. Betreft het een te betalen suppletie, dan is het ook voor de berekening van belastingrente gunstig als u deze zo snel mogelijk indient.

Maak bezwaar tegen opgelegde boetes naar aanleiding van het indienen van een suppletie

De Hoge Raad heeft in 2021 beslist dat een ingediende suppletie niet mag worden gebruikt als bewijs voor een gepleegd beboetbaar of strafbaar feit, omdat een suppletie kwalificeert als wilsafhankelijk materiaal. Op het moment dat de Belastingdienst een boete wil opleggen, moet de inspecteur op een andere wijze bewijs verzamelen. Dit kan lastig zijn voor de inspecteur. Met het opstellen van bijvoorbeeld een rondrekening zullen aan het eind van het jaar mogelijk weer correcties voor de btw moeten worden gemaakt. Mocht de inspecteur naar aanleiding van een ingediende suppletie een boete opleggen, adviseren wij tijdig bezwaar te maken tegen de opgelegde boete(n) en te verzoeken om inzage in het boetedossier. Dit geldt eveneens voor verzuimboetes.

Zorg voor een verrekenprijsadministratie

De voorwaarden van onderlinge rechtsverhoudingen tussen gelieerde lichamen mogen niet afwijken van de voorwaarden die in het economische verkeer tussen onafhankelijke partijen zouden zijn overeengekomen. De administratie moet gegevens bevatten waaruit blijkt op welke wijze de verrekenprijzen tot stand zijn gekomen. Ook moet eruit worden opgemaakt dat bij de tot stand gekomen verrekenprijzen sprake is van voorwaarden die in het economische verkeer door onafhankelijke partijen zijn overeengekomen. Is deze informatie niet beschikbaar in de administratie en betwist de Belastingdienst de gehanteerde verrekenprijzen, dan riskeert u omkering van de bewijslast. Zorg voor de juiste documentatie.

Zorg voor een goede verrekeningsovereenkomst tussen de fiscale eenheidsmaatschappijen

Binnen de fiscale eenheid moet de vennootschapsbelastinglast worden verdeeld tussen de fiscale eenheidsmaatschappijen. Zorg voor een zodanige verrekening dat dit optimaal gebeurt. Dit kan bijvoorbeeld bij een eventueel faillissement een groot voordeel opleveren.

Betaal coronaschulden eerder terug

Heeft u gebruik gemaakt van het bijzonder uitstel van betaling vanwege de coronacrisis? Dan moet u de belastingschulden die hieronder vielen weer terugbetalen. Dit moet vanaf 31 oktober 2022, gedurende vijf jaren (in 60 maandelijkse termijnen die onder voorwaarden verlengd kunnen worden). Over deze schulden bent u invorderingsrente verschuldigd. Indien u meer betalingscapaciteit heeft, is het te overwegen om de openstaande belastingschulden eerder af te lossen.

Betaal coronaschulden eerder terug

Heeft u gebruik gemaakt van het bijzonder uitstel van betaling vanwege de coronacrisis? Dan moet u de belastingschulden die hieronder vielen weer terugbetalen. Dit moet vanaf 31 oktober 2022, gedurende vijf jaren (in 60 maandelijkse termijnen die onder voorwaarden verlengd kunnen worden). Over deze schulden bent u invorderingsrente verschuldigd. Indien u meer betalingscapaciteit heeft, is het te overwegen om de openstaande belastingschulden eerder af te lossen.

Zorg voor een goede verrekeningsovereenkomst tussen de fiscale eenheidsmaatschappijen

Binnen de fiscale eenheid moet de vennootschapsbelastinglast worden verdeeld tussen de fiscale eenheidsmaatschappijen. Zorg voor een zodanige verrekening dat dit optimaal gebeurt. Dit kan bijvoorbeeld bij een eventueel faillissement een groot voordeel opleveren.

Zorg voor een verrekenprijsadministratie

De voorwaarden van onderlinge rechtsverhoudingen tussen gelieerde lichamen mogen niet afwijken van de voorwaarden die in het economische verkeer tussen onafhankelijke partijen zouden zijn overeengekomen. De administratie moet gegevens bevatten waaruit blijkt op welke wijze de verrekenprijzen tot stand zijn gekomen. Ook moet eruit worden opgemaakt dat bij de tot stand gekomen verrekenprijzen sprake is van voorwaarden die in het economische verkeer door onafhankelijke partijen zijn overeengekomen. Is deze informatie niet beschikbaar in de administratie en betwist de Belastingdienst de gehanteerde verrekenprijzen, dan riskeert u omkering van de bewijslast. Zorg voor de juiste documentatie.

Maak bezwaar tegen opgelegde boetes naar aanleiding van het indienen van een suppletie

De Hoge Raad heeft in 2021 beslist dat een ingediende suppletie niet mag worden gebruikt als bewijs voor een gepleegd beboetbaar of strafbaar feit, omdat een suppletie kwalificeert als wilsafhankelijk materiaal. Op het moment dat de Belastingdienst een boete wil opleggen, moet de inspecteur op een andere wijze bewijs verzamelen. Dit kan lastig zijn voor de inspecteur. Met het opstellen van bijvoorbeeld een rondrekening zullen aan het eind van het jaar mogelijk weer correcties voor de btw moeten worden gemaakt. Mocht de inspecteur naar aanleiding van een ingediende suppletie een boete opleggen, adviseren wij tijdig bezwaar te maken tegen de opgelegde boete(n) en te verzoeken om inzage in het boetedossier. Dit geldt eveneens voor verzuimboetes.

Dien zo snel mogelijk een suppletie btw in

Zodra u weet dat u nog btw moet betalen of terugkrijgt over voorgaande tijdvakken, moet u de betreffende suppletie indienen. De suppletie moet gedaan worden voordat de belastingplichtige weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de inspecteur met de desbetreffende onjuistheid of onvolledigheid bekend is of zal worden, maar niet later dan acht weken nadat de belastingplichtige de onjuistheid of onvolledigheid heeft geconstateerd. Dit geldt zowel voor positieve (teruggaaf) als negatieve (te betalen) suppleties. Doet u dit niet, dan loopt u bij een te betalen bedrag het risico op een forse boete. Informatie uit een ingediende suppletie kan daarbij niet dienen als bewijs voor het opleggen van een boete. Betreft het een te betalen suppletie, dan is het ook voor de berekening van belastingrente gunstig als u deze zo snel mogelijk indient.

Leent u personeel in? Bewaar die gegevens dan langer!

Als u personeel inleent is het raadzaam om stukken die op deze inlening zien (bijvoorbeeld ID-gegevens of manurenstaten) langer dan zeven jaar te bewaren. Dit heeft te maken met een mogelijke aansprakelijkstelling die nog vele jaren na het verstrijken van de bewaartermijn kan plaatsvinden.

Let op! Als u persoonsgegevens langer wilt bewaren dan de wettelijke bewaartermijn, leg dan in uw AVG-protocol vast welke gegevens u bewaart en verwerkt en waarom.

Vernietig uw oude administratie (maar niet te snel)

Ondernemers en belastingplichtigen die resultaat uit overige werkzaamheden genieten, zijn wettelijk verplicht tot het voeren en bewaren van hun administratie. De wettelijke bewaartermijn van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers bedraagt in het algemeen zeven jaar. Deze bewaarplicht geldt voor alle basisgegevens (zoals het grootboek, de facturen van debiteuren en crediteuren, de in- en verkoopadministratie, de voorraadgegevens en de loonadministratie) en de overige gegevens die van belang kunnen zijn bij een belastingcontrole. Ook de hiervoor bedoelde gegevens die elektronisch zijn opgeslagen, vallen onder de bewaarplicht.

Let wel op dat bepaalde stukken betrekking kunnen hebben op meerdere jaren. Deze kunnen pas worden vernietigd nadat ze hun actualiteitswaarde hebben verloren. Zo mag een contract dat ziet op 2016-2018 pas in 2026 worden vernietigd.

Let op! De algemene wettelijke bewaartermijn van zeven jaar is korter dan de btw-herzieningstermijn voor onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen. De (al dan niet vrijgestelde) btw-ondernemer blijft daarom verplicht om alle boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan - betreffende onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen – gedurende negen jaar volgend op het jaar waarin de btw-ondernemer het goed is gaan gebruiken te bewaren.

Dien een verzoek tot ambtshalve vermindering in

Denkt u dat u nog recht heeft op een vermindering van betaalde belasting over het verleden? U kunt om ambtshalve vermindering van een opgelegde aanslag verzoeken binnen 5 jaar na afloop van het belastingjaar. Zorg er wel voor dat uw verzoek voor het einde van de termijn door de Belastingdienst is ontvangen. Wilt u bijvoorbeeld de aanslag vennootschapsbelasting 2020 laten verminderen? Dan moet het verzoek uiterlijk op 31 december 2025 binnen zijn bij de Belastingdienst.

Vraag een voorlopige aanslag vennootschapsbelasting aan

In de vennootschapsbelasting is 7,5% belastingrente verschuldigd indien de Belastingdienst na 1 juli volgend op het belastingjaar een aanslag over dat betreffende jaar oplegt met een te betalen bedrag. Wij raden u dan ook aan om uw voorlopige aanslag kritisch te beoordelen en deze indien nodig te verhogen. Indien u vóór 1 mei 2026 een verzoek om een te betalen voorlopige aanslag over 2025 indient, wordt geen belastingrente in rekening gebracht als de aanslag conform het verzoek wordt opgelegd.

Vraag een voorlopige aanslag inkomstenbelasting aan

In de inkomstenbelasting is 5% belastingrente verschuldigd indien de Belastingdienst na 1 juli volgend op het belastingjaar een aanslag over dat betreffende jaar oplegt met een te betalen bedrag. Wij raden u dan ook aan om uw voorlopige aanslag kritisch te beoordelen en deze indien nodig te verhogen. Indien u vóór 1 mei 2026 een verzoek om een te betalen voorlopige aanslag over 2025 indient, wordt geen belastingrente in rekening gebracht als de aanslag conform het verzoek wordt opgelegd.

Ondernemingen en formaliteiten