Eigen woning
7
Sparen en beleggen: family-taxplanning
Toekomstvoorzieningen: pensioenen en lijfrenten
Tips voor ondernemers
en ondernemingen
Tips voor privépersonen
Meer informatie
Maak gebruik van de vrijstellingen schenkbelasting
Verdeel de nalatenschap waarop u een vordering of waaraan u een schuld heeft voor 31 december
Verlaag de grondslag in box 3
Aanscherping regels voor fiscale beleggingsinstellingen (FBI)
Houd de bedrijfsopvolgingsregeling in de gaten
Houd rekening met de excessief-lenenmaatregel
Schenking van een woning
Maak gebruik van de vrijstellingen schenkbelasting
Voor ouders-kinderen geldt een jaarlijkse schenkvrijstelling van € 6.713 (2025). Voor kinderen tussen de 18 en 40 jaar geldt een eenmalige verhoogde schenkvrijstelling van € 32.195 (2025). Deze vrijstelling wordt verhoogd tot maximaal € 67.064 (2025) als het geld wordt gebruikt voor een ‘dure’ studie of opleiding van het kind. Voor kleinkinderen geldt een jaarlijkse vrijstelling van € 2.690 (2025). Doet u de schenking nog in 2025, dan bespaart u mogelijk belastingheffing in box 3 per 1 januari 2026. Het vrijgestelde vermogen in box 3 bedraagt met ingang van 1 januari 2026 € 51.396 per persoon (€ 102.792 voor fiscale partners). Door te schenken aan uw meerderjarige kinderen kunt u belast box 3-vermogen overdragen naar onbelast box 3-vermogen bij de kinderen.
Let op! Als uw (klein)kinderen in aanmerking komen voor inkomensafhankelijke regelingen, zoals huurtoeslag of kinderopvangtoeslag, kan een schenking leiden tot een verlaging van de tegemoetkoming.
Verdeel de nalatenschap waarop u een vordering of waaraan u een schuld heeft voor 31 december
Als u een vordering heeft op een erflater en er zijn meerdere erfgenamen, dan zal de vordering in de regel pas worden afgelost op het moment dat de nalatenschap wordt verdeeld. Indien voor verdeling een peildatum in box 3 opkomt, dient u zowel de gehele vordering (100%) op te geven als overige bezitting alsmede uw aandeel als erfgenaam in de schuld. Als er twee erfgenamen zijn, is uw aandeel 50%. Omdat het forfaitair rendement over bezittingen (ruim 6%) hoger is dan het negatieve forfaitair rendement over schulden (circa -2,5%), leidt dit tot een groot nadeel. Door tijdig de nalatenschap (partieel) te verdelen, kunt u ervoor zorgen dat de vordering vermengt met de schuld en hierover geen forfaitair rendement wordt berekend. Deze situatie kan zich bijvoorbeeld voordoen bij het overlijden van de langstlevende (stief) ouder, waarbij de wettelijke verdeling is toegepast. Maar ook als u een schuld heeft aan de overledene of als u beneficiair heeft aanvaard. Verdeel (eventueel een deel van de nalatenschap) op tijd!
Verlaag de grondslag in box 3
De peildatum voor de grondslag van box 3 is 1 januari 2026. De te betalen belasting kan worden verminderd als deze grondslag voor 1 januari 2026 wordt verlaagd. De grondslag bestaat uit de waarde van de banktegoeden en overige bezittingen verminderd met de waarde van de schulden. U kunt deze grondslag verminderen door voor de peildatum een aankoop en tevens betaling te doen van een goed dat niet tot de bezittingen behoort of waarvoor een vrijstelling geldt. Denk aan de aanschaf van een auto (gebruiksgoederen) of het doen van een groene belegging. Een belastingschuld wordt in beginsel niet gerekend tot de schulden van de rendementsgrondslag van box 3. De grondslag in box 3 kunt u ook verlagen door een belastingschuld voor het einde van 2024 te voldoen. Dit kan alleen als de belastingschuld vaststaat. Is dat niet het geval, overweeg dan uw belastingschuld over te dragen aan een ander (uiteraard geeft u dan het bedrag van de te betalen belasting mee). Op grond van een arrest uit 2016 is het verdedigbaar dat dan uw box 3-vermogen is verminderd. Beter is het echter om tijdig de zaken te regelen.
Aanscherping regels voor fiscale beleggingsinstellingen (FBI)
Een fiscale beleggingsinstelling is een lichaam (vaak een NV of een BV) waarvan het doel en de feitelijke werkzaamheden bestaan uit het beleggen van vermogen. Een FBI is onder bepaalde voorwaarden onderworpen aan 0% vennootschapsbelasting. Een belangrijke voorwaarde is dat de winst op de beleggingen binnen acht maanden na afloop van het boekjaar wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders. Als een FBI niet meer aan alle voorwaarden voldoet, vindt er ‘statusverlies’ plaats en wordt het lichaam normaal vennootschapsbelastingplichtig. Met ingang 1 januari 2025 is een nieuwe voorwaarde ingevoerd: een FBI mag vanaf die datum niet meer in Nederlands vastgoed beleggen. Het is wel nog toegestaan om aandelen in een dochtervennootschap met Nederlandse beleggingsvastgoed te houden. FBI’s mogen overigens wel nog in buitenlandse onroerende zaken beleggen.
Houd de bedrijfsopvolgingsregeling in de gaten
Bij de schenking of vererving van ondernemingsvermogen is in beginsel inkomstenbelasting verschuldigd over de meerwaarde van de onderneming of – als deze in de vorm van een BV of NV wordt gedreven – de meerwaarde van de aandelen. Tevens is schenk- of erfbelasting verschuldigd over de waarde van het ondernemingsvermogen. Deze heffingen kunnen de continuïteit van de onderneming in gevaar brengen. Vandaar dat er voor de inkomstenbelasting een doorschuifregeling (DSR) in de wet is opgenomen en voor de schenk- en erfbelasting een vrijstellingsfaciliteit en uitstel van betalingsfaciliteit (BOR). Op dit moment is ruim 75% van het ondernemingsvermogen vrijgesteld van schenk- of erfbelasting.
De wijzigingen die op basis van het voorstel op 1 januari 2026 in werking treden, betreffen onder andere een versoepeling van de bezits- en voortzettingseis. Er zijn meer mogelijkheden om te herstructureren tijdens de bezits- en voortzettingstermijn zonder verlies van de BOR. Ook zijn versoepelingen opgenomen voor ondernemingsvermogen dat binnen 180 dagen voor overlijden is geschonken en voor ondernemingsvermogen dat is geschonken of is vererfd met een tweetrapsclausule.
De voorgestelde beperking van de toegang tot de DSR en BOR, gaat niet door waardoor de DSR en BOR ook na 1 januari 2026 van toepassing blijven op trackingstocks, lidmaatschapsrechten in coöperaties en kleine soort-aanmerkelijkbelangen.
Preferente aandelen worden in beginsel gezien als een financieringsmiddel en kwalificeren slechts onder voorwaarden voor de DSR en BOR. Per 1 januari 2026 komt er een definitie van preferente aandelen in de wet. Heeft u letteraandelen in de structuur die verschillende winstreserves hebben en waarop een primair dividend wordt vergoed? Dan kunnen deze aandelen vanaf 1 januari 2026 deels als preferent worden aangemerkt en mogelijk niet langer in aanmerking komen voor de DSR en BOR. Er is geen overgangsregeling en de overgang van de situatie vóór en na 1 januari 2026 is complex. Neem contact op met uw adviseur als u (een of meer van de uitgegeven) letteraandelen bezit.
Houd rekening met de excessief-lenenmaatregel
Per 1 januari 2023 is de excessief-lenenmaatregel in werking getreden. Op grond van deze maatregel wordt kort gezegd het bovenmatige deel van schulden aan de eigen vennootschap bij de aanmerkelijkbelanghouder belast met inkomstenbelasting in box 2. Als de betreffende schulden op de peildatum (31 december van een kalenderjaar) meer bedragen dan € 500.000, wordt het meerdere in de belastingheffing betrokken. Gelet daarop kan het fiscaal gunstig zijn om nog vóór 1 januari 2026 een dividenduitkering te doen om te profiteren van het lage box 2-tarief (24,5%), om daarmee excessieve schulden af te lossen. Het box 2-tarief in 2025 betreft 24,5% over een aanmerkelijkbelanginkomen tot € 67.804 (voor fiscaal partners: € 135.608) en 31% over het meerdere.
Eigenwoningschulden bij de eigen vennootschap zijn uitgezonderd van de excessief-lenenmaatregel. Bent u de eigenwoningschuld bij de eigen vennootschap aangegaan op of na 1 januari 2023, dan is deze alleen uitgezonderd van de excessief-lenenmaatregel als een recht van hypotheek op de eigen woning is verstrekt aan de vennootschap. Als u de betreffende hypothecaire inschrijving nog niet heeft geformaliseerd, is het van belang dat alsnog vóór 31 december 2026 te doen als u van de uitzondering voor eigenwoningschulden gebruik wil maken.
Voor de volledigheid merken wij op dat voor eigenwoningschulden aan de eigen vennootschap die vóór 1 januari 2023 zijn aangegaan niet de eis van het recht van hypotheek geldt.
Let op! Mocht u dus overwegen een woning over te dragen door middel van een schenking of tegen een te lage koopprijs, dan kunt u dat het beste doen vóór 1 januari 2027. U kunt dan nog gebruik maken van de lagere WOZ-waarde.
Schenking van een woning
Als een woning wordt geschonken of wordt verkocht tegen een te lage prijs is schenkbelasting verschuldigd. De schenkbelasting wordt berekend over de WOZ-waarde. Als er een kooprijs is verschuldigd die lager is dan de werkelijke waarde van de woning, is schenkbelasting verschuldigd over het verschil tussen de WOZ-waarde en de koopprijs. Als de koopprijs exact gelijk is aan de WOZ-waarde is geen schenkbelasting verschuldigd. Er is voorgesteld om vanaf 1 januari 2027 niet langer uit te gaan van de WOZ-waarde, maar voortaan schenkbelasting te heffen over (meestal) de hogere werkelijke waarde van de woning (respectievelijk het verschil tussen de werkelijke waarde en de betaalde te lage koopprijs).
Houd rekening met de excessief-lenenmaatregel
Per 1 januari 2023 is de excessief-lenenmaatregel in werking getreden. Op grond van deze maatregel wordt kort gezegd het bovenmatige deel van schulden aan de eigen vennootschap bij de aanmerkelijkbelanghouder belast met inkomstenbelasting in box 2. Als de betreffende schulden op de peildatum (31 december van een kalenderjaar) meer bedragen dan € 500.000, wordt het meerdere in de belastingheffing betrokken. Gelet daarop kan het fiscaal gunstig zijn om nog vóór 1 januari 2026 een dividenduitkering te doen om te profiteren van het lage box 2-tarief (24,5%), om daarmee excessieve schulden af te lossen. Het box 2-tarief in 2025 betreft 24,5% over een aanmerkelijkbelanginkomen tot € 67.804 (voor fiscaal partners: € 135.608) en 31% over het meerdere.
Eigenwoningschulden bij de eigen vennootschap zijn uitgezonderd van de excessief-lenenmaatregel. Bent u de eigenwoningschuld bij de eigen vennootschap aangegaan op of na 1 januari 2023, dan is deze alleen uitgezonderd van de excessief-lenenmaatregel als een recht van hypotheek op de eigen woning is verstrekt aan de vennootschap. Als u de betreffende hypothecaire inschrijving nog niet heeft geformaliseerd, is het van belang dat alsnog vóór 31 december 2026 te doen als u van de uitzondering voor eigenwoningschulden gebruik wil maken.
Voor de volledigheid merken wij op dat voor eigenwoningschulden aan de eigen vennootschap die vóór 1 januari 2023 zijn aangegaan niet de eis van het recht van hypotheek geldt.
Houd de bedrijfsopvolgingsregeling in de gaten
Bij de schenking of vererving van ondernemingsvermogen is in beginsel inkomstenbelasting verschuldigd over de meerwaarde van de onderneming of – als deze in de vorm van een BV of NV wordt gedreven – de meerwaarde van de aandelen. Tevens is schenk- of erfbelasting verschuldigd over de waarde van het ondernemingsvermogen. Deze heffingen kunnen de continuïteit van de onderneming in gevaar brengen. Vandaar dat er voor de inkomstenbelasting een doorschuifregeling (DSR) in de wet is opgenomen en voor de schenk- en erfbelasting een vrijstellingsfaciliteit en uitstel van betalingsfaciliteit (BOR). Op dit moment is ruim 75% van het ondernemingsvermogen vrijgesteld van schenk- of erfbelasting.
De wijzigingen die op basis van het voorstel op 1 januari 2026 in werking treden, betreffen onder andere een versoepeling van de bezits- en voortzettingseis. Er zijn meer mogelijkheden om te herstructureren tijdens de bezits- en voortzettingstermijn zonder verlies van de BOR. Ook zijn versoepelingen opgenomen voor ondernemingsvermogen dat binnen 180 dagen voor overlijden is geschonken en voor ondernemingsvermogen dat is geschonken of is vererfd met een tweetrapsclausule.
De voorgestelde beperking van de toegang tot de DSR en BOR, gaat niet door waardoor de DSR en BOR ook na 1 januari 2026 van toepassing blijven op trackingstocks, lidmaatschapsrechten in coöperaties en kleine soort-aanmerkelijkbelangen.
Preferente aandelen worden in beginsel gezien als een financieringsmiddel en kwalificeren slechts onder voorwaarden voor de DSR en BOR. Per 1 januari 2026 komt er een definitie van preferente aandelen in de wet. Heeft u letteraandelen in de structuur die verschillende winstreserves hebben en waarop een primair dividend wordt vergoed? Dan kunnen deze aandelen vanaf 1 januari 2026 deels als preferent worden aangemerkt en mogelijk niet langer in aanmerking komen voor de DSR en BOR. Er is geen overgangsregeling en de overgang van de situatie vóór en na 1 januari 2026 is complex. Neem contact op met uw adviseur als u (een of meer van de uitgegeven) letteraandelen bezit.
Aanscherping regels voor fiscale beleggingsinstellingen (FBI)
Een fiscale beleggingsinstelling is een lichaam (vaak een NV of een BV) waarvan het doel en de feitelijke werkzaamheden bestaan uit het beleggen van vermogen. Een FBI is onder bepaalde voorwaarden onderworpen aan 0% vennootschapsbelasting. Een belangrijke voorwaarde is dat de winst op de beleggingen binnen acht maanden na afloop van het boekjaar wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders. Als een FBI niet meer aan alle voorwaarden voldoet, vindt er ‘statusverlies’ plaats en wordt het lichaam normaal vennootschapsbelastingplichtig. Met ingang 1 januari 2025 is een nieuwe voorwaarde ingevoerd: een FBI mag vanaf die datum niet meer in Nederlands vastgoed beleggen. Het is wel nog toegestaan om aandelen in een dochtervennootschap met Nederlandse beleggingsvastgoed te houden. FBI’s mogen overigens wel nog in buitenlandse onroerende zaken beleggen.
Verlaag de grondslag in box 3
De peildatum voor de grondslag van box 3 is 1 januari 2026. De te betalen belasting kan worden verminderd als deze grondslag voor 1 januari 2026 wordt verlaagd. De grondslag bestaat uit de waarde van de banktegoeden en overige bezittingen verminderd met de waarde van de schulden. U kunt deze grondslag verminderen door voor de peildatum een aankoop en tevens betaling te doen van een goed dat niet tot de bezittingen behoort of waarvoor een vrijstelling geldt. Denk aan de aanschaf van een auto (gebruiksgoederen) of het doen van een groene belegging. Een belastingschuld wordt in beginsel niet gerekend tot de schulden van de rendementsgrondslag van box 3. De grondslag in box 3 kunt u ook verlagen door een belastingschuld voor het einde van 2024 te voldoen. Dit kan alleen als de belastingschuld vaststaat. Is dat niet het geval, overweeg dan uw belastingschuld over te dragen aan een ander (uiteraard geeft u dan het bedrag van de te betalen belasting mee). Op grond van een arrest uit 2016 is het verdedigbaar dat dan uw box 3-vermogen is verminderd. Beter is het echter om tijdig de zaken te regelen.
Verdeel de nalatenschap waarop u een vordering of waaraan u een schuld heeft voor 31 december
Als u een vordering heeft op een erflater en er zijn meerdere erfgenamen, dan zal de vordering in de regel pas worden afgelost op het moment dat de nalatenschap wordt verdeeld. Indien voor verdeling een peildatum in box 3 opkomt, dient u zowel de gehele vordering (100%) op te geven als overige bezitting alsmede uw aandeel als erfgenaam in de schuld. Als er twee erfgenamen zijn, is uw aandeel 50%. Omdat het forfaitair rendement over bezittingen (ruim 6%) hoger is dan het negatieve forfaitair rendement over schulden (circa -2,5%), leidt dit tot een groot nadeel. Door tijdig de nalatenschap (partieel) te verdelen, kunt u ervoor zorgen dat de vordering vermengt met de schuld en hierover geen forfaitair rendement wordt berekend. Deze situatie kan zich bijvoorbeeld voordoen bij het overlijden van de langstlevende (stief) ouder, waarbij de wettelijke verdeling is toegepast. Maar ook als u een schuld heeft aan de overledene of als u beneficiair heeft aanvaard. Verdeel (eventueel een deel van de nalatenschap) op tijd!
Maak gebruik van de vrijstellingen schenkbelasting
Voor ouders-kinderen geldt een jaarlijkse schenkvrijstelling van € 6.713 (2025). Voor kinderen tussen de 18 en 40 jaar geldt een eenmalige verhoogde schenkvrijstelling van € 32.195 (2025). Deze vrijstelling wordt verhoogd tot maximaal € 67.064 (2025) als het geld wordt gebruikt voor een ‘dure’ studie of opleiding van het kind. Voor kleinkinderen geldt een jaarlijkse vrijstelling van € 2.690 (2025). Doet u de schenking nog in 2025, dan bespaart u mogelijk belastingheffing in box 3 per 1 januari 2026. Het vrijgestelde vermogen in box 3 bedraagt met ingang van 1 januari 2026 € 51.396 per persoon (€ 102.792 voor fiscale partners). Door te schenken aan uw meerderjarige kinderen kunt u belast box 3-vermogen overdragen naar onbelast box 3-vermogen bij de kinderen.
Let op! Als uw (klein)kinderen in aanmerking komen voor inkomensafhankelijke regelingen, zoals huurtoeslag of kinderopvangtoeslag, kan een schenking leiden tot een verlaging van de tegemoetkoming.
Schenking van een woning
Houd rekening met de excessief-lenenmaatregel
Houd de bedrijfsopvolgingsregeling in de gaten
Aanscherping regels voor fiscale beleggingsinstellingen (FBI)
Verlaag de grondslag in box 3
Verdeel de nalatenschap waarop u een vordering of waaraan u een schuld heeft voor 31 december
Maak gebruik van de vrijstellingen schenkbelasting
Let op! Mocht u dus overwegen een woning over te dragen door middel van een schenking of tegen een te lage koopprijs, dan kunt u dat het beste doen vóór 1 januari 2027. U kunt dan nog gebruik maken van de lagere WOZ-waarde.
Schenking van een woning
Als een woning wordt geschonken of wordt verkocht tegen een te lage prijs is schenkbelasting verschuldigd. De schenkbelasting wordt berekend over de WOZ-waarde. Als er een kooprijs is verschuldigd die lager is dan de werkelijke waarde van de woning, is schenkbelasting verschuldigd over het verschil tussen de WOZ-waarde en de koopprijs. Als de koopprijs exact gelijk is aan de WOZ-waarde is geen schenkbelasting verschuldigd. Er is voorgesteld om vanaf 1 januari 2027 niet langer uit te gaan van de WOZ-waarde, maar voortaan schenkbelasting te heffen over (meestal) de hogere werkelijke waarde van de woning (respectievelijk het verschil tussen de werkelijke waarde en de betaalde te lage koopprijs).